Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Gesignaleerd

Premium
https://static-content.springer.com/image/art%3A10.1007%2Fs41480-017-0075-3/MediaObjects/41480_2017_75_Fig1_HTML.jpg

De Leidse Psychiater

Onlangs lanceerden psychiaters en psychiaters in opleiding van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) een website met informatie over de psychiatrie in de meest brede zin van het woord. Hierop staan bijvoorbeeld instructiefilmpjes (hoe kun je als behandelaar omgaan met lastige situaties), korte blogs over problemen in de praktijk en informatie over nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen. Ook stelt de website zich expliciet tot doel om het stigma op psychiatrische stoornissen te doorbreken. Daarnaast hopen de makers geneeskundestudenten enthousiast te maken voor een carrière in de psychiatrie. De website is gelanceerd vanuit een academisch ziekenhuis en is primair bedoeld voor psychiaters, arts-assistenten en geneeskundestudenten.

Echter, de veelzijdigheid aan onderwerpen maakt dat er voor vrijwel alle betrokkenen bij de ggz nuttige informatie op te vinden is.

Bron: www.​deleidsepsychiat​er.​nl


https://static-content.springer.com/image/art%3A10.1007%2Fs41480-017-0075-3/MediaObjects/41480_2017_75_Fig2_HTML.jpg

Handleiding schematherapie

Onlangs volgde ik een basiscursus schematherapie; een leerzame cursus, maar je kunt je afvragen of schematherapie wel goed toepasbaar is binnen de Generalistische Basis GGZ, vanwege het relatief kleine aantal sessies dat zorgverzekeraars vergoeden (vijf sessies voor een kort traject tot ongeveer twaalf sessies voor een intensief traject). Ik was daarom verheugd toen ik op de handleiding en werkboeken Kortdurende Schematherapie stuitte. Deze bieden een rijk scala aan psycho-educatie en interventies vanuit de schematherapie, ondersteund door onlinemateriaal. Helaas is ook het aantal sessies in dit protocol beduidend hoger dan de verzekeraars vergoeden: achttien sessies, met twee follow-up sessies. Bovendien worden er in feite twee protocollen aangeboden; met CGT-technieken en met experiëntiële technieken. De therapie kan beperkt blijven tot het eerste protocol, maar als de protocollen achtereenvolgens worden aangeboden, zijn het 36 therapiesessies en vier follow-up sessies. De auteurs pretenderen dat zij een protocol voor individuele- en groepstherapie aanbieden, maar de individuele therapie is duidelijk het ondergeschoven kindje; zelfs in de handleiding wordt hieraan maar een paar pagina’s gewijd. In het werkboek met CGT-technieken wordt het onderscheid tussen individuele therapie en groepstherapie beter uitgewerkt, maar in het werkboek met experiëntiële technieken nauwelijks. De werkboeken zijn op de cliënt gericht, maar dit is niet overal even duidelijk. Enerzijds wordt de patiënt namelijk in de jij-vorm aangesproken, maar in het werkboek staan ook behandelinstructies, zoals een opzet voor het rol lenspel, instructies voor de imaginatie-oefeningen en de Meerstoelentechniek. In de handleiding wordt daarbij naar de werkboeken verwezen. Het was prettiger geweest als de auteurs een scherper onderscheid hadden gemaakt tussen informatie voor de behandelaar en stof voor

Premium

Wil je dit artikel lezen?


    Al abonnee? Log dan in