Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Imagoschade

Maartje Schoorl
Een vriend van mij, uitgesproken type (ruwe bolster), gestudeerd in Delft, stuurt geregeld stukken over ons vak naar mij door. Enerzijds fascineert ons vakgebied hem; hij vindt mensen ‘verdomd onlogisch’ handelen, en ‘die psychologie’ van mij is daar blijkbaar voor verantwoordelijk. Anderzijds snapt hij niets van de ‘marketing’ van onze beroepsgroep. Een tijd geleden stuurde hij me een stuk uit het NRC, van collega Pim Cuijpers, gevolgd door een repliek van mijn collega Willem Van der Does; twee erudiete senioren die zich in deze opinies over ons vak buigen en twee volledig verschillende conclusies trekken. Pim betoogt dat ons vak failliet is omdat we honderden soorten therapie hebben ontwikkeld die allemaal niets toevoegen. Willem stelt dat cholesterolvervangers minder effect hebben dan psychotherapie en dat de nieuwe behandelvormen een gevalletje ‘oude wijn in nieuwe zakken’ zijn; kleine aanpassingen van bestaande werkingsmechanismen die robuust blijken.
Mijn Delftse vriend bijt het me toe: ‘Voor leken is dit verwarrend, het issue is echt schadelijk voor het aanzien van jouw vakgebied.’ Ik moet denken aan andere imagoschade, het kopje thee van Edith Schippers. Als toenmalig minister van VWS wilde zij bezuinigen op de ggz en beweerde dat psychologische hulp niet nodig was; een kopje thee drinken bij de buurvrouw zou net zo effectief zijn. Dat was een openlijke devaluatie van ons vak, die nog lang nagalmde omdat het ook de vinger op een zere plek legt; hoe onderscheiden wij ons van die empathische buurvrouw, van coaches en zelfbenoemde therapeuten?
‘Hoe onderscheiden wij ons van de empathische buurvrouw?’

Het is altijd goed om met elkaar over het vak te discussiëren, over de inhoud en over hoe we ons positioneren ten opzichte van andere beroepen, zoals hbo-psychologen. En misschien moeten we daarvoor een paar vuistregels opstellen, zeker als we die discussies in het openbaar voeren. In vergelijking met andere zorgprofessies hebben we een jong vak en een pittige opdracht (mentale gezondheidszorg, ga er maar aan staan), dus we kunnen onszelf niet al te hoge eisen opleggen en denken dat we dé oplossing al hebben. Ook belangrijk: als we een idee hebben, of een nieuw behandelmodel, dan gaan we dat eerst toetsen en dan pas invoeren. En we gaan naar elkaar luisteren en elkaar steunen in plaats van elkaar of elkaars bevindingen af te branden. Dat moet toch te doen zijn?

Maartje Schoorl
is klinisch psycholoog en bijzonder hoogleraar Psychologische Beroepsopleidingen in de Geestelijke Gezondheidszorg, aan de Universiteit van Leiden.
*In NRC reageert Willem van der Does op een artikel van Pim Cuijpers, die daarin stelt dat er te veel nieuwe psychotherapieën bijkomen. Van der Does brengt daartegen in dat het helemaal niet gaat om nieuwe therapieën, maar om kleine technische aanpassingen van reeds beschikbare behandelingen (Opinie: Honderden soorten psychotherapie? Welnee. NRC, 16 augustus 2023).