Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Gwendolyn Portzky en Bert van Luijn over de behandeling van suïcidale mensen

Behandel niet de stoornis, maar de suïcidaliteit! Vooral in het land van onze zuiderburen blijven de suïcidecijfers verontrustend hoog. Professor Gwendolyn Portzky, directeur van het Vlaams Expertisecentrum voor Suïcidepreventie (VLESP), en de Nederlandse klinisch psycholoog Bert van Luijn pleiten voor gerichte behandeling en preventie.
Premium

Gwendolyn Portzky: ‘Het kernpunt van suïcidaliteit is in mijn ogen het feit dat suïcidale mensen vaak alle verbinding kwijt zijn, ze voelen zich losstaan van het leven, van alles en iedereen om hen heen. Dat is een groot probleem, want een gevoel van verbondenheid is voor acuut suïcidale patiënten nog de enige beschermende factor. Het herstellen van verbinding moet daarom in elke suïcidebehandeling centraal staan.

Als therapeut ben je zelf vaak de eerst aangewezen persoon om die verbinding weer te maken en dat doe je naar mijn mening het best door open en eerlijk met patiënten over hun suïcidaliteit te praten. Dat kan ze over een drempel helpen, waarna ze zich ook weer gemakkelijker met andere aspecten van het leven verbonden kunnen gaan voelen. Voorwaarde daarvoor is dat niet de stoornis van de patiënt maar diens suïcidaliteit in de behandeling centraal staat. Een suïcidebehandeling heeft alleen kans van slagen als de suïcidale gevoelens expliciet ter sprake komen.’

Bert van Luijn: ‘Precies. Als we nadenken over de behandeling en de preventie van suïcidaal gedrag, moeten we weg van de dominantie van DSM-classificaties. Het werkelijke probleem van suïcidale mensen is dat ze niet over de vaardigheden – en vaak ook niet over de sociale steun- beschikken om zelf een oplossing te vinden voor de situatie waarin ze vastzitten. De behandeling moet er dus op gericht zijn om ze die vaardigheden aan te leren, ongeacht de stoornis waaraan ze lijden. Ik noem suïcide wel eens de meest ongelukkige oplossing voor een probleem waaruit iemand geen uitweg meer ziet. Dat laatste moet met name worden aangepakt: waarin en waarom zit je klem, wat is de valstrik? En waarom pak je de nooduitgang? Laten we zoeken naar een andere uitgang.’

‘Behandelaars hebben nog steeds een zekere schroom om zelfmoordgedachten openlijk te bespreken’

Portzky: ‘Zo zou het moeten zijn, ja. Maar wat wij vaak merken, is dat veel behandelaars er nog altijd vanuit gaan dat de stoornis het te behandelen probleem is. Daar vechten we met het Vlaams Expertisecentrum voor Suïcidepreventie (VLESP) al jaren tegen. Onze stelling is dat je voor het tegengaan van suïcidale gedachten een aparte behandeling nodig hebt, die specifiek gericht is op de suïcidaliteit. Die visie stuit vaak op weerstand bij behandelaars. Hun stelling is dat als je de psychiatrische stoornis aanpakt, zoals een depressieve stoornis of angststoornis, dat de suïcidaliteit dan vanzelf minder wordt. Maar

Premium

Wil je dit artikel lezen?

Neem GZ-psychologie een maand gratis op proef. Tijdens deze maand heb je onbeperkt toegang tot alle content. Na een maand stopt het proefabonnement automatisch.


    Al abonnee? Log dan in