Mensen met ADHD ervaren ook specifieke positieve eigenschappen, zoals nieuwsgierigheid, creativiteit en cognitieve flexibiliteit. In dit artikel geven de auteurs een overzicht van het wetenschappelijk onderzoek naar de positieve en sterke kanten van ADHD.
Wereldwijd is ongeveer 6 procent van de kinderen en 2,5 procent van de volwassenen gediagnosticeerd met de psychische stoornis ADHD.1 Deze stoornis wordt gekenmerkt door onder andere de symptomen onoplettendheid, concentratieproblemen, impulsiviteit en hyperactiviteit. In vergelijking met mensen uit de algemene bevolking laten mensen met ADHD gemiddeld lagere onderwijsprestaties zien, evenals meer uitval op school en werk. Ook kampen zij met stigmatisering, waardoor mensen met ADHD een laag zelfbeeld kunnen ontwikkelen en hun sociale relaties vaak onder spanning staan.
In de meeste wetenschappelijke studies zijn vooral de problemen van mensen met ADHD in kaart gebracht. Maar als je met hen in gesprek raakt, vertellen mensen vaak ook over de door hen ervaren positieve kanten van ADHD, bijvoorbeeld met een uitspraak als: ‘Ik zou niet zonder mijn ADHD willen leven’. Ook de Vereniging Impuls & Woortblind – een organisatie voor en door mensen met een neurodivers brein, waaronder ADHD, ADD, dyslexie en dyscalculie – heeft dit signaal opgepikt; in gesprekken tussen de vereniging en onderzoekers is daarom de gedeelde ambitie vastgelegd om meer wetenschappelijk onderzoek te doen naar de positieve kanten van ADHD. Deze ambitie sluit naadloos aan bij de in opkomst zijnde neurodiversiteitsbeweging, specifiek bij de ‘emancipatie’ van mensen met ADHD; kernidee van het concept neurodiversiteit is dat ontwikkelingsstoornissen zoals ADHD, autisme en dyslexie natuurlijke variaties zijn van de menselijke hersenwerking, geen stoornissen die genezen moeten worden. En daarbij spelen positieve en/of sterke kanten van mensen met ADHD ook een grote rol. Kortom, genoeg aanleiding om de wetenschappe-

