Een interview met Marjolein van Wijk-Herbrink en Remco van der Wijngaart
In de wereld van de schematherapie groeit al jaren de behoefte aan praktische handvatten. Marjolein en Remco zagen die behoefte van dichtbij ontstaan—tijdens cursussen, supervisies en in hun eigen behandelkamers. Wat begon als een gevoel van “dit kan concreter”, groeide uit tot een boek dat therapeuten letterlijk naast zich kunnen leggen tijdens hun werk. In dit interview vertellen ze over het ontstaan van hun boek Schematherapie, stap voor stap, hun visie op het vak en wat therapeuten er direct aan hebben.Van flapover naar boek
“Tijdens cursussen schematherapie die wij geven, merkte ik al lange tijd dat therapeuten behoefte hebben aan meer houvast,” vertelt Marjolein. “Ik schreef vaak ter plekke stappenplannen op een flapover, maar dat was ad hoc en niet altijd goed doordacht. Ook in supervisies dacht ik vaak: kon ik maar iets concreters bieden.”
Die wens werd sterker toen zij samen met Remco werkte aan hun “Stapje voor Stapje”-stream. “We ontdekten in de samenwerking dat de uitvoering van technieken door ons beiden behoorlijk kan variëren,” zegt ze. “Dat riep vragen op: wat is eigenlijk de best onderbouwde manier? Welke variaties zijn er, en wanneer gebruik je die?”
Remco moest aanvankelijk even wennen aan het idee van een nieuw boek. “Er zijn de laatste jaren al veel boeken verschenen. Ik vroeg me af: Is er nog echt behoefte aan een nieuwe invalshoek.” Wat hem uiteindelijk overtuigde, was de insteek. “Een praktisch en toegankelijk boek—iets wat je vlak voor een sessie erbij pakt om inspiratie op te doen. Dat miste ik nog.”
Voor wie is dit boek bedoeld?
Volgens Marjolein is het antwoord simpel: “Voor alle therapeuten die met schematherapie werken.” Beginners vinden er structuur en houvast, terwijl ervaren therapeuten het gebruiken als naslagwerk wanneer ze vastlopen. Iedereen kent wel momenten waarop je het overzicht kwijt bent,” zegt ze. “Dan helpt het enorm om een duidelijk overzicht van technieken te hebben dat je weer op weg helpt.”
Remco vult aan:“Ik denk dat dit boek voor meer ervaren therapeuten mooi de essentie weergeeft van de methoden en technieken binnen de schematherapie, gebaseerd op recente wetenschappelijke en klinische inzichten. Voor mij helpt het enorm om te begrijpen waarom je doet wat je doet—dat maakt je vrijer in het toepassen van richtlijnen. Beginnende therapeuten vinden houvast in die richtlijnen, terwijl meer ervaren therapeuten juist de ruimte en variatie leren benutten door een goed begrip van de kern van de technieken.”
Wat maakt dit boek anders?
Het boek onderscheidt zich vooral door de structuur en toepasbaarheid. “We hebben technieken geclusterd per modus en per fase van de therapie,” legt Marjolein uit. “Dus stel: je zit in de middenfase en je cliënt heeft een sterke innerlijke criticus—dan kun je heel gericht zoeken wat je kunt inzetten.”
Elk hoofdstuk is compact en praktisch opgebouwd: een stappenplan, een korte dialoog ter illustratie, een korte ‘wat als’-sectie en mogelijke variaties. Omdat elk hoofdstuk maar 3-5 pagina’s beslaat, kun je je vlak voor een sessie even voorbereiden zonder dat het veel tijd kost. Bovendien worden de richtlijnen van elke techniek geïllustreerd middels een infographic, waarin je in één oogopslag de techniek in beeld ziet. “En het blijft bewust geen protocol,” benadrukt ze. “Het zijn richtlijnen, geen scripts.”
Remco beaamt: “De titel ‘stap voor stap’ kan dat misverstand oproepen, maar het doel van het boek is om leren te navigeren. In het inleidende hoofdstuk beschrijven we dat schematherapie een richtlijn-gebaseerde behandeling is: je werkt vanuit een doel—het valideren van onvervulde basisbehoeften—binnen een relatie van limited reparenting. Daar zijn meerdere wegen naartoe. Schematherapie is geen vast pad, maar een kompas. Wij helpen therapeuten dat kompas beter te gebruiken.”
De kernboodschap
Als ze moeten kiezen wat lezers écht moeten meenemen, hoeft Marjolein niet lang na te denken:
“Dat het belangrijk is om je limited-reparenting houding en technieken weloverwogen te kiezen, dus op basis van de persoonlijke casusconceptualisatie van je cliënt. En dat je daarbij heus wel af mag wijken van de geboden richtlijnen, zolang je dat weloverwogen kunt doen: er zijn meerdere wegen die naar Rome leiden.”
Remco wijst op een praktisch hulpmiddel uit het boek: de flashcard achterin. “Daar staan de belangrijkste richtlijnen overzichtelijk bij elkaar. Voor mij is de kern: gebruik die als basis, en zie het boek als verdieping.”
Waar gaat het vaak mis?
Marjolein: “Het vaak switchen van de cliënt tussen verschillende modi kan ervoor zorgen dat je door de bomen het bos even niet meer ziet. Bijvoorbeeld dat je de therapiedoelen van de cliënt (of breder de doelen van de schematherapie) even niet meer voor ogen hebt om hier gericht en gevarieerd methoden en technieken op in te kunnen zetten. Of dat je je tijdens de uitvoering van een techniek voor een modus je laat afleiden door een andere modus van de cliënt en dan achteraf zelf een beetje in de war bent van wat er nu eigenlijk gebeurde of wat je in de sessie aan het doen was.”
Remco: “Ik merk vaak—bij supervisanten, collega’s en ook bij mezelf—dat vooral de beschermers of copingmodi als hardnekkig worden ervaren.
Daarnaast zijn de vragen die ik vaak hoor: ‘Wat als het niet werkt?’ of ‘Wat als de beschermer of kritische kant niet verandert?’ Met dit boek hopen we handvatten te bieden om juist met dit soort lastige situaties beter om te gaan, door technieken zorgvuldiger toe te passen en beter te begrijpen wat de essentie ervan is.”
Is schematherapie voor iedereen geschikt?
“Schematherapie is breed toepasbaar,” zegt Marjolein. “Er zijn geen harde contra-indicaties voor en vaak kun je de therapie zo aanpassen dat het geschikt is voor de doelgroep (bijv. autisme, LVB, verslaving). Wel is het belangrijk om schematherapie alleen in te zetten als er sprake is van recidiverende of persisterende problematiek. “Ze waarschuwt voor overmatig gebruik: “Door de populariteit wordt het soms te snel ingezet.”
Remco vult aan: “Daarom is het belangrijk om de wetenschappelijke richtlijnen te blijven volgen. Enthousiasme is mooi, maar het moet wel onderbouwd blijven. Die nuance benadrukken we altijd in onze trainingen, en die boodschap komt ook duidelijk terug in het boek.”
De toekomst van schematherapie
Beiden zien een groeiende belangstelling voor schematherapie. Marjolein: “Het model is helder en biedt concrete handvatten. Ik verwacht dat de populariteit nog verder zal toenemen.”
Ze hoopt vooral op meer onderzoek: “Naar werkingsmechanismen, specifieke technieken en nieuwe toepassingen zoals naar de effectiviteit van deeltechnieken binnen de schematherapie, naar de werkingsmechanismen en naar varianten van schematherapie die in de praktijk al worden gebruikt. Bijvoorbeeld kortdurende schematherapie, schematherapie met kinderen en schemacoaching voor ouders.”
Remco kijkt er genuanceerd naar. “Enerzijds vind ik het geweldig om te zien hoe de interesse in schematherapie groeit, zowel bij therapeuten als cliënten. Tegelijkertijd merk ik bijvoorbeeld op congressen dat meningen soms als feiten worden gepresenteerd, en dat de interesse in wetenschappelijk onderzoek niet altijd vanzelfsprekend is. Ik hoop dat wetenschap en klinische praktijk nauw met elkaar verbonden blijven en dat er samenwerking blijft tussen onderzoekers en behandelaren. Als dat lukt, zie ik een mooie toekomst waarin we steeds beter begrijpen hoe en waarom schematherapie werkt.”
Casussen die bijblijven
Marjolein herinnert zich een meisje uit de gesloten jeugdzorg. “Ze vertrouwde niemand. De eerste paar maanden was ze alleen maar boos en afwerend, de sessies duurden hooguit 10 minuten want dan was ze weer weg. Ik bleef hoop houden dat mijn beschikbaarheid en betrokkenheid ondanks al haar afwijzing, tegengif zou kunnen geven aan haar schema’s zoals Verlating en Wantrouwen. Beetje bij beetje gingen de sessies langer duren en kon ik meer schematherapeutische technieken inzetten. Maanden later kwam de omslag. Aan het eind van haar verblijf bedankte ze me en zei: “Ik deed altijd alsof ik alleen maar boos op je was en ik duwde je altijd weg, maar ik heb elk woord dat je uitsprak gehoord en het is me bijgebleven. Ik kon en durfde het alleen niet toe te laten.” Dat helpt me nog steeds als ik me nu machteloos voel omdat ik een cliënt niet lijk te kunnen bereiken.”
Remco denkt aan een vrouw met een geschiedenis van emotionele verwaarlozing en onveiligheid. “Het was indrukwekkend hoe goed ze zich staande had gehouden, maar de sporen daarvan waren duidelijk: ze was sterk gericht op anderen en had weinig contact met haar eigen behoeften. Dat leidde regelmatig tot depressieve periodes. Ze vond de taal van schematherapie in het begin wat vreemd en had moeite met de oefeningen—bij imaginatie bleef ze bijvoorbeeld vooral in haar hoofd. Toch zijn we doorgegaan en hebben we vastgehouden aan de kern van de therapie. Toen we later terugkeken, vertelde ze dat ze voor het eerst echt ruimte voelde—ruimte in zichzelf en om haar eigen leven vorm te geven. Juist die oefeningen die ze eerst lastig vond, hadden haar geholpen. Ze gaf aan dat ze in de rescripting echt had kunnen ervaren dat er iemand voor haar was. Dat soort ervaringen helpen mij nog steeds, zeker op momenten dat ik me machteloos voel of wanneer iemand moeite heeft met de methode.”
Persoonlijke betekenis
Voor Marjolein is schematherapie meer dan een methode. “Het heeft me heel veel inzichten gegeven in mijn cliënten en daarnaast ook veel over mezelf geleerd: over mijn eigen patronen en kwetsbaarheden, waar die vandaan komen en hoe ik vanuit mijn eigen Gezonde volwassene regie kan blijven houden over mijn werk maar ook over mijn persoonlijk leven. Schematherapie is eigenlijk niet meer los te denken van mijzelf of mijn leven.”
Remco noemt twee inzichten die hem persoonlijk hebben geraakt. “Ten eerste het besef hoe centraal emotionele basisbehoeften staan, en hoe belangrijk het is om daarin balans te houden. Ik kan me bijvoorbeeld makkelijk verliezen in hard werken en blijven ontwikkelen, en vergeet dan soms dat het leven ook gaat over verbinding, spontaniteit en plezier.
Daarnaast hebben de stappen van de Gezonde volwassene me veel gebracht: eerst herkennen wat er gebeurt, daar met compassie naar kijken, en pas daarna bewust kiezen hoe je handelt. Ik merk dat ik van nature snel in actie schiet—iets wat veel cliënten ook herkennen. Juist het leren vertragen en milder zijn voor mezelf heeft me veel opgeleverd, ook in mijn rol als vader.”
Wat kun je morgen al anders doen?
Remco: “Besef dat je veel kunt en mag doen. Schematherapie is geen strak systeem van regels, maar een model met een duidelijk doel en een rijke gereedschapskist aan technieken. Die technieken zijn geen doel op zich, maar hulpmiddelen. Net zoals een timmerman moet leren omgaan met zijn gereedschap, leer je als therapeut hoe je deze technieken inzet. Dit boek helpt daarbij door praktische richtlijnen te geven, zodat je met meer vertrouwen en flexibiliteit kunt werken.”
Marjolein sluit af: “Ja, mooi. Het boek is zo opgesteld dat je, na scholing in schematherapie, met behulp van de beschreven richtlijnen in de hoofdstukken de verschillende methoden en technieken direct kunt toepassen in je dagelijkse praktijk. Maar zoals Remco ook benadrukt, het is geen vastomlijnd protocol maar vraagt soms ook om creatieve en flexibele toepassing zolang je het doel van de techniek voor ogen houdt.”
Over de auteurs
Marjolein van Wijk-Herbrink is gz-psycholoog en supervisor/trainer schematherapie. Zij heeft verschillende wetenschappelijke publicaties over schematherapie op haar naam, is een van de auteurs van het boek Toegepaste schematherapie met kinderen en jongeren en is coproducent van het audiovisuele leermiddel Schematherapie voor kinderen en adolescenten: Stapje voor Stapje.
Remco van der Wijngaart is psychotherapeut en gz-psycholoog en supervisor/trainer cognitieve gedragstherapie en schematherapie. Hij is eigenaar/directeur van het Nederlands Instituut voor Schematherapie en voorzitter van de Vereniging voor Schematherapie. Hij is (co-)auteur van diverse boeken zoals Imaginaire rescripting, theorie en praktijk en heeft diverse audiovisuele leermiddelen geproduceerd, zoals Schematherapie, stap voor stap.

