Het DNA V model is een relatief recente aftakking van Acceptance and Commitment Therapy. Volgens psychologe Sien Verbeeck is deze ontwikkelingsgerichte methode met name, maar niet uitsluitend, geschikt voor jongeren. ‘Cliënten moeten zelf ontdekken wat goed voor ze is en wat niet.’
‘DNA-V model’ klinkt voor niet-ingewijden misschien als een afkorting uit de biologische wetenschappen – en het grappige is dat die interpretatie er niet eens zo heel ver naast zit. Deze ontwikkelingsgerichte behandelmethode legt namelijk een sterke nadruk op de ontwikkeling van een identiteit in een groep (een ‘dna’), aldus psychologe Sien Verbeeck. DNA-V (dat in werkelijkheid staat voor Discoverer, Noticer, Advisor en Valuer & Vitality) is in wezen een hulpmiddel om psychologische flexibiliteit te ontwikkelen, waardoor een cliënt beter is opgewassen tegen zaken als stress, angst, tegenslag en groepsdruk, en de ruimte vindt om te ontdekken welke waarden bij hem of haar passen.
Waarden
Het DNA-V model kun je zien als een aftakking of verfijning van Acceptance and Commitment Therapy (ACT). Voor Verbeeck, die op 29 oktober zal spreken op het congres ACT als Transdiagnostische Benadering, draait ACT in wezen om “doen wat je hart fluistert, ook wanneer dat lastig is.” DNA-V werd ontwikkeld door de Australische psychologen Louise Hayes en Joseph Ciarrochi, die deze basisgedachte meer wilde afstemmen op jongeren. “Bij ACT gaat het veel over waardengericht gedrag: weten hoe je in het leven staat en daarnaar handelen,” zegt Verbeeck. “Maar bij jongeren zijn die waarden nog volop in ontwikkeling. Ze zijn nog aan het ontdekken wie ze willen zijn en wat ze belangrijk vinden. Met name voor hen kan zo’n ontwikkelingsgerichte methode als DNA-V meerwaarde hebben.”
Gedrag en waarden worden in het DNA-V model mede bepaald door de levensfase waar je in zit, aldus Verbeeck. Noticer verwijst in dit verband naar het vermogen om je bewust te zijn van het hier en nu, zoals in de baby-fase: je kunt gedrag beter begrijpen als je ziet dat ‘hechten aan de volwassene’ de ontwikkelingstaak van een baby is. De discoverer is het kind of de jongere die met vallen en opstaan zijn plaats in de wijdere wereld aan het ontdekken is, waarbij de advisor (vaak de ouder) grenzen aangeeft, veiligheid inbouwt en eventueel ingrijpt. In het centrum van dit model staan Valuer & Vitality: naarmate je opgroeit ontwikkel je bepaalde waarden, en als je actie onderneemt om die waarden gestalte te geven komt er vitale energie vrij.
Vaardigheden
Maar hoewel DNA-V oorspronkelijk is ontwikkeld voor jongeren, kunnen ook volwassen cliënten er baat bij hebben, denkt Verbeeck. “Ook als je al volwassen bent kun je nog steeds in een nieuwe levensfase komen,” zegt ze. “Een nieuwe baan, een andere partner, noem het maar op. Bovendien zijn er nog genoeg momenten aan te wijzen waarop we als volwassene uit onze comfort zone moeten komen, en om moeten gaan met een situatie die nieuw is, of eng. Dan hebben we die vaardigheden uit het DNA-V model óók nodig.”
Als psychologe werkt Verbeeck veel met jongeren en jongvolwassenen. Toen ze merkte dat ACT vaak niet aansloot bij deze doelgroep, begon ze zich te verdiepen in het DNA-V model. “Veel hulpverlening gaat over de vraag: hoe overleef je in de grote wereld, hoe pas je je aan? Soms is aanpassing en acceptatie inderdaad de juiste weg. Maar in mijn ogen is het níet je opdracht als psycholoog om mensen zich te laten aanpassen aan een systeem dat niet goed voor hen is. Je moet ze juist helpen om het leven te leiden dat ze echt willen leiden, dat past bij wie ze zijn. Jongeren moeten ruimte krijgen om dat te ontdekken, en daar keuzes in te maken. DNA-V kan daarbij helpen.”
Dat proces doet soms pijn, zegt Verbeeck, want je leert – onder andere – dat je de wereld om je heen niet zomaar kunt veranderen. “School bijvoorbeeld is voor veel jongeren geen feest, en toch moet je accepteren dat het volgen van een opleiding een plaats in deze levensfase heeft. Maar ze kunnen met behulp van het DNA-V model wel bepaalde vaardigheden opdoen, zodat ze buiten die context van school iets hebben dat er voor hen echt toe doet: een passie, een hobby, vrienden… iets waardoor het leven voor hen niet alleen maar overleven is.”
Zoektocht
Natuurlijk is iedere opgroeiende jongere in min of meerdere mate op zoek naar een eigen pad in dit leven, nuanceert Verbeeck. Je kunt ook niet verwachten dat je dat pad op pakweg je twintigste al gevonden hebt. Een psycholoog komt pas in beeld als het gaat schuren met de binnen- of buitenwereld, en jongeren vastlopen in hun zoektocht, of problematisch gedrag gaan vertonen.
Voor de hulpverlener is het in dat soort gevallen vooral zaak om niet te veel te willen ‘bijsturen’, denkt Verbeeck. “Het gedrag van jongeren past altijd in hun context. Daarom moeten wij ze als hulpverleners niet meteen benaderen vanuit de rol van advisor. Vaak zijn ze verlamd in hun ontwikkeling door allerlei overtuigingen of belemmerende gedachten. Je moet ze in de eerste plaats helpen om hun psychologische flexibiliteit en veerkracht te ontwikkelen, zonder meteen te zeggen: dit is goed voor je en dat niet. Dat moeten ze vooral zelf exploreren en voelen.”
Die flexibiliteit is de kern van DNA-V, aldus Verbeeck. “In mijn praktijk wil ik jongeren helpen om zelf te kunnen oordelen: wie ben ik en wat past bij mij? Niet door ‘alleen maar’ je adviseur aan te spreken maar door te doen, door dingen uit te proberen. Je leert je weg te vinden door op weg te gaan.”
|
|
DNA-V: een ontwikkelingsgericht ACT-model Sien Verbeeck zal spreken op het congres ACT als Transdiagnostische benadering, op 29 oktober 2026 in Zeist In haar lezing maak je kennis met het DNA-V model (Hayes & Ciarrochi, 2015), een ontwikkelingsgericht ACT-model dat gedrag in context bekijkt via vier repertoires: Discovering, Noticing, Advising en Valuing. Je leert hoe levenservaringen, identiteit en sociaal inzicht deze gedragingen beïnvloeden. Sien bespreekt de wetenschappelijke onderbouwing, doelgroepen (onder andere jongeren en onderwijs) en de meerwaarde ten opzicht van het hexaflexmodel.
|
|

